• 1
  • 3
  • 12
  • 11
  • 2
  • 13
  • 8
  • 9
  • 10

Peter S. maakte voor het clubblad dit verslag van een winterse mooie toertocht.

 

 

Op 16 december poste ik op Facebook een luchtfoto van de Biesbosch, Dries zette eronder : “d’r hangt een rode kaart op de club voor 30/12. Ik dacht: ”Super, nog eens naar de Biesbosch.”
De Biesbosch vind ik een zalig gebied. Het is een groot en zeer gevarieerd gebied met heel mooie, rustige stukken en prachtige natuur, op iets meer dan een uur rijden van Turnhout. Het is een zoetwater natuurgebied tussen 2 rivieren die samenkomen. Eigenlijk zijn die rivieren gewoon de Rijn en de Maas, maar de Hollanders moeten het weer moeilijker maken dan het is door ze de Nieuwe Merwede en Bergse Maas te noemen.

De laatste jaren is het overstromingsgebied sterk toegenomen door de ontpoldering van weilanden in functie van het project “Ruimte voor de rivieren”. Dat is een project om meer buffercapaciteit te maken zodat men minder overstromingen heeft elders in het land.
Vrijdags nog eens de nodige info opgezocht: weer: regen en 5 beaufort wind vanuit het ZW. Dat zal pittig worden, maar hé “Er is geen slecht weer, alleen slechte kleding”. Zonsondergang om 16u38, toch maar een hoofdlampje meenemen dus, moest het wat uitlopen. Getijden: hoog water om 14u (niet dat die stromingen maken, maar t is altijd leuk om te
weten). Die vrijdagavond via Facebook Messenger met de groep al eens kort een vaarplan besproken: vanuit Hank vertrekken, zodat we het eerste stuk tegen de wind varen, niet te veel groot water moeten oversteken en de tweede helft (bij het terugvaren) wind in de rug hebben.

Toen ik om 8u15 aan de club aankwam was er al behoorlijk wat volk. Het team van de dag was Dries (J), Dries (V), Filip, Ludo, Luc en mezelf. Tegen 9u45 waren we in de haven van Hank. Het aanhoudende regenweer van de afgelopen weken had zowel de parking als de dijk en het padje naar het water herschapen in 1 grote modderpoel, wat sommigen van ons later nog parten zou gaan spelen.

Alles afladen, omkleden en de boten naar het ponton aan de andere kant van de dijk brengen. Op het moment dat ik aan het water sta met mn kajak, besef ik ineens dat k nog iets vergeten ben: m’n peddel (klein detail, maar toch nuttig met dat weer). Gelukkig stond Ludo nog aan de aanhangwagen zodat hij die nog kon meebrengen. Dit zorgde er voor dat ik tot auteur van dit verslag werd benoemd, alhoewel er later ook nog een aantal naar de positie van co-auteur hebben gesolliciteerd door nogal riskant in het water te gaan enzo.

Vanaf de eerste meters op het water viel al op dat de bevers op die plaats behoorlijk actief waren geweest:
omgeknaagde bomen aan beide zeiden van het water. Via de haven zelf (Vissershang) gingen we via een klein kreekje achteraan de haven naar de grotere geul die noordwaarts gaat (Middelste Gat van het Zand) en dan links aanhouden (Steurgat). Hier en daar vloog er een Zilverreiger op om dan 100m verder terug te gaan zitten, ze hadden niet veel zin
om te vliegen met die wind. Na enige tijd konden we aan de linkerkant een kleinere kreek invaren.

Toen we uit die kreek kwamen en naar links (westwaarts) de grotere geul “Het Ruigt” opvaren, werden we plots verrast door de felle wind. Bij die eerste confrontatie met de golven dacht ik toch “Oh Shit, subiet ben ik aan t zwemmen”, maar na een paar minuten wennen de golven wel. We staken het Ruigt schuin over en vaarden dan een kreek aan de Noord
kant in (Bevert). De kreek werd breder en Ludo wist dat daar wat verder een goei plaats is om effe te pauzeren, het werd een lunchpauze, energie opdoen om daarna vollen bak tegen de wind in te kunnen varen. We wisten dat we vlak daarna een stuk groot water voor de boeg hadden.

Bij het uitkomen van de Bevert kruisen we nog een groep die in canadese kano’s de noordkant van het Ruigt aan het volgen waren. Wij staken schuin over de grote geul naar een redelijk brede kreek. Hier had de wind al behoorlijk wat invloed op ons en we zochten links en rechts de beste lijn om te volgen. Toen we die kreek uitkwamen, lag recht voor ons de Rietplaat. De wind was ondertussen nog in kracht toegenomen en aangezien we nu naar het zuid-westen aan het varen waren, kregen we de wind en golven volop langs voor.
Door de kilometers lange en grote wateroppervlakte voor ons, had de wind ook vrij spel op het water, met 40 cm hoge golven als gevolg.

“Ga toch toervaren, zeiden ze. Da’s heel rustig en relax, zeiden ze … “.

Zelf ken k de Biesbosch goed en vind er gemakkelijk mijn weg. “Nog effe doorvaren, links aanhouden en dan is er een kreekje links naar het oosten waar we in kunnen varen, en dan zijn het vooral kleine kreekjes door het midden van de Biesbosch met de wind in de rug” … was het plan.


Ik hing laatst (t was niet echt m’n beste dag op fysiek vlak), peddel een bocht om, zie de voorste kajaks aan de kreek
aankomen … en er voorbij varen, verder naar het zuid-westen … volop tegen de wind en golven in. Ik probeer op m’n noodfluitje te fluiten, maar door de wind horen ze me niet. Dries hoort me wel en probeert ook te roepen naar de voorste groep, maar tevergeefs. D’r zit maar 1 ding op, ook verder doorvaren tot k de groep heb bijgehaald.
Ondertussen werd de wind nog sterker en de golven nog wat hoger. Op een gegeven moment peddel ik met volle kracht, zie een tak links van me hangen, die gewoon ter plaatste blijft. Het duurt precies een eeuwigheid eer ik 100 m verder ben. Uiteindelijk heb k de groep ingehaald en leg uit dat we verkeerd gevaren waren en terug moesten. Terug was dikke fun: met de wind in de rug leek het soms wat op surfen met een kajak. Het nadeel is dan wel dat de golven langs achter komen en je dus niet ziet wat eraan komt. Maar ge gaat wel een pak rapper vooruit.

Het verschil tussen het grote water en het kleine kreekje tussen de bossen was gigantisch. We vaarden nu met de wind mee oostwaarts, beschut tussen de bomen en struiken. Toen ‘k twee jaar geleden door dat stukje kajakte, kwamen de bomen tot aan het water en lag het kreekje vol met omgevallen bomen. Nu had men de meeste bomen tot 4m van de
kant uitgedaan en de kreek terug vrij gemaakt, zodat het riet beter groeide. Op een gegeven moment zat er een buizerd recht voor ons op een tak boven het water. Pas toen de eerste kajak er vlak onderdoor vaarde vloog hij rustig weg.


Na een kilometer het kreekje gevolgd te hebben, vaarden we aan de dijk naar rechts, door het riet, dan een bochtje naar links. Daar werd de afstand tussen het riet terug breder. We konden of rechtdoor varen, langs het wrak of naar rechts draaien. Bij rechtdoor zouden we straks weer een stuk open water tegen de wind doen. Het werd naar rechts afdraaien, en die keuze bracht ons langs het nest van een zeearend. Gezien de grootte van het dier, was het nest ook niet moeilijk te spotten in de kale boomtoppen. Het leek eerder alsof iemand ne remorque met snoeihout boven in de boomtoppen had gedumpt.

Na een tijdje kwamen we dus uit op een bredere kreek – het Gat van Honderd en Dertig, waar we, zoals gepland, met de wind mee vaarden tot we rechts het Gat van de Slek konden indraaien, rustig peddelend tussen de bomen en het riet.
En zo ging het dan kronkelend via het Gat van de Vloeien langs Keesje Killeke. Op het stukje naar de Amelia hoeve heb je links een dijk en rechts bossen, en naar gewoonte kwamen de Schotse koeien en kalfjes weer over de dijk kijken.
Het viel daar ook op hoe hoog het water stond: gedeelten buiten de dijk waar normaal gras en struiken stonden, waren ondergelopen. Dan ging het nog verder langs de Amelia hoeve tot aan het Gat van de Zuiderklip, daar naar links tot het op het einde dood liep aan de uitkijktoren. Hier hielden we weer even een pauze en genoten we boven op de toren van
het uitzicht over het (voor mensen verboden) vogelgebied.

Na deze halte keerden we terug richting het Gat van de Plomp, nadien naar rechts in de Sloot van Sint Jan en onder het bruggetje waar tijdens WOII het verzet 75 Duitse soldaten had ontwapend. Hoe ze dat gedaan hadden op een pad en brug van 1 meter breed is een raadsel, waarschijnlijk 1 voor 1. Na een scherpe bocht naar links mondde de kreek uit in de brede vaargeul (Spijkerboor) die we schuin overstaken om terug in de haven van Hank aan te komen.
Aan de stijger aangekomen zag k dat het water al een ferm stuk hoger stond dan toen we vertrokken, toch nog natte bottinnen gekregen dus. De GPS gaf 22 km afgelegde afstand aan. Na het omkleden en inladen nog effe naar de café in de haven, waar de golven van daarstraks al wel een meter hoog geworden bij sommige.

‘t Was een pittig tripje, maar ne schonen dag.
Peter S.

 

Facebook

Komende evenementen

24 juli 2018;
00:00
WK junioren +U23
24 juli 2018;
00:00
WK junioren +U23
24 juli 2018;
00:00
WK junioren +U23
24 juli 2018;
00:00
WK junioren +U23
24 juli 2018;
00:00
WK junioren +U23
29 juli 2018;
00:00
Recreatieve marathon (KKK)
24 juli 2018;
00:00
WK junioren +U23
01 aug 2018;
18:30 - 20:00
Start-to-kayak

Sponsor